In het donker

Buiten staat de generator te loeien, binnen is de temperatuur opgelopen tot meer dan 30 graden en het is al negen uur ’s avonds.  Net zoals de vorige jaren lijkt het alsof er geen einde komt aan het droogseizoen.  Er zijn al een paar regens gevallen maar nog lang niet voldoende om de temperatuur naar beneden te krijgen en nog zeker niet genoeg om de dam te vullen die instaat voor de elektriciteitsvoorziening van Zambia.  Tot op een bepaalde hoogte kan een westerse mens zich aanpassen aan stroompannes, zelfs als dat acht uur lang duurt en elke dag op een ander moment plaats vindt.  Maar ’s avonds, als er moet gekookt worden en er is warm water nodig voor het bad dan schieten een camping gasvuurtje en een dozijn kaarsen echt tekort.  Vandaar dus die generator, voor een paar uur comfort per dag.

De gevolgen die zo’n ‘load shedding’ hebben op ons gezin op micro-niveau zijn vervelend maar overkomelijk. Op macro-niveau is het dramatisch : we zijn de levende getuigen van de ineenstorting van een nationale economie.  Een aantal mijnen heeft zijn werknemers ontslagen omdat er zonder elektriciteit geen koper meer kan worden geproduceerd. Duizenden mensen staan op straat. De prijzen van alle voedingswaren gaan steil de hoogte in, de Zambiaanse Kwacha is elke dag weer minder waard.  De lonen van het overheidspersoneel (waaronder ook alle leerkrachten, verpleging, artsen, …) werden deze maand een week te laat betaald wat een verontrustend teken is van de slechte financiële toestand in het land.

Ondertussen in het ziekenhuis is het roeien met de riemen die we hebben.  Er is een generator die werkt maar die veel verbruikt. Moeilijke keuzes moeten worden gemaakt : spenderen we onze diesel aan een patiënt die erg ziek is en zuurstof nodig heeft ?  Of gebruiken we het voor de auto die naar de dorpen in de bush rijdt om daar HIV-medicatie te leveren ?  De subsidie van de overheid wordt steeds kleiner hoewel door de elektriciteitsproblemen de kosten alleen maar stijgen.  Het bisdom is eigenaar van de gebouwen maar biedt uitsluitend spirituele steun.  Een WC repareer je daar niet mee.  Andere donoren, die bijvoorbeeld de HIV-zorg financieren, klagen omdat ze niet meer op de hoogte worden gebracht van de vooruitgang van hun projecten.   Maar door de powercuts werkt het internet enkel sporadisch, kunnen er geen brieven geprint worden, kan niemand nog op de computer werken.  Ik weet dat de link tussen ‘Afrika’ enerzijds en ‘corruptie’ anderzijds snel gelegd is. Vaak wordt die connectie ook terecht gemaakt.  Maar nu ik zelf samen werk met mensen die capabel én betrouwbaar én ambitieus zijn merk ik dat het in deze omstandigheden verschrikkelijk moeilijk is om voor goed bestuur te zorgen.  Zelfs met veel goede wil en met voldoende budget geraak je er niet. Er zijn teveel randvoorwaarden die afwezig of onbetrouwbaar zijn. 

Het ziekenhuis is dus op zoek naar nieuwe manieren om inkomsten te verwerven. In samenwerking met een Vlaams koppel, Stijn en Katleen, wordt er een guesthouse gebouwd naast het ziekenhuis.  50 jaar geleden werden er lepra- en tuberculose patiënten verzorgd in een aantal kleine hutten op het hospitaalterrein. Dit was het allereerste begin van het Saint Theresa Mission Hospital. De chalets waren destijds degelijk gebouwd maar verkeerden in een slechte toestand. Ondertussen zijn er al 4 huisjes gerenoveerd en worden ze verhuurd aan onze Nederlandse studenten. De bedoeling is om op termijn ook een conference hall te openen met bar en restaurant.  Een groot deel van de opbrengst gaat naar het ziekenhuis.  Voor meer informatie kan je kijken op www.kamutamba.com

Ikzelf ben vorige maand terug beginnen werken, zij het dan parttime.  Hoewel een aantal stafleden in praktijk altijd maar deeltijds aanwezig is  (acute vermoeidheid op het werk, plotse aandrang tot overmatig drankgebruik, begrafenissen aan de andere kant van het land, …) is het voor iedereen wennen, niet in het minst voor mijzelf.  Op een kinderafdeling is niets voorspelbaar dus op de momenten dat ik er niet ben nemen mijn collega’s of de studenten het over.  De afgelopen weken weer wat ondervoede kinderen opgenomen die succesvol behandeld zijn.  Uiteindelijk komt ongeveer 50 % van deze kinderen na een paar maanden weer uitgemergeld terug maar het betekent wel dat de andere helft het relatief goed doet. Een aangezien ondervoeding eigenlijk een probleem is van slechte antenatale zorg (HIV-transmissie van moeder naar kind), slechte contraceptie (moeder wordt te snel weer zwanger) en slechte TBC-zorg (vader is bedlegerig en ligt de hele dag en nacht te hoesten in de hut) heb ik niet het idee dat we daar als afdeling iets aan kunnen veranderen. 

Van de kinderen op de afdeling naar die bij ons thuis.  Nathan wordt elke dag sterker.  De enige overblijfselen van zijn eerste moeilijke levensmaanden zijn de talloze enge foto’s op de computer.  Verder rolt en eet en zit hij zoals het past bij zijn leeftijd.  Voor Kasper, Hannah en Thomas is de grote vakantie begonnen.  2 eindeloze maanden vrij.

 

 

 

                                                                     

Advertenties