Maandelijks archief: juli 2014

Winter in Ibenga

Zondagavond, 13 juli 2014.

Zonet is Maarten vertrokken naar het nabijgelegen café om in het gezelschap van enkele dronken tooghangers te kijken naar de finale van de Wereldbeker. We zijn er gedurende een paar weken op aangesproken in het ziekenhuis dat onze respectievelijke thuislanden het zo goed deden maar sinds de dubbele zeer onverdiende nederlaag tegen Argentinië is de lol er een beetje vanaf.

Het was een druk weekend. Vorige week zijn Cedric en Athina aangekomen in Ndola. Athina komt stage lopen op de pediatrie en Cedric begint op maandag als sportleraar op de middelbare meisjesschool tegenover het ziekenhuis. Tessa en Shaleen zijn 2 Nederlandse geneeskunde-studenten uit Groningen die hier 3 maanden verblijven in het kader van hun tropenstage. En sinds vrijdag logeren Bastiaan en Jenny, oude tropenkameraden, hier bij ons met hun 2 kinderen. Veel kans dat er morgen tijdens de meeting in het ziekenhuis meer blanke gezichten in de zaal zitten dan zwarte.

In het ziekenhuis is het bijzonder rustig. Op mijn afdeling liggen er 5 kinderen, het malaria-seizoen is nu definitief afgelopen. De nachten zijn echt koud en ’s morgens is het een hele opgave om op te staan. In al mijn overmoed dacht ik dat ik als Belg wel bestand was tegen een beetje kou. Maar hier heb ik natuurlijk geen thermostaat die om half zeven aanspringt en die ervoor zorgt dat ik mijn ontbijt eet in een lekker warme keuken. ’s Morgens zitten we met z’n allen te rillen boven de corn flakes, vaak met mutsen en sjaals aan. Zambianen hebben nergens last van. Net als tijdens de zinderende hittemaanden oktober en november zeggen ze : “Hier zijn we aan gewend, het is namelijk elk jaar opnieuw hetzelfde.” Ik kijk uit naar de zwoele zomeravonden van augustus wanneer we frisse rosé gaan drinken in de tuin in Melsele. Nog 3 en een halve week en we nemen het vliegtuig terug naar onze andere thuis. En dan zit ons eerste jaar in Ibenga erop.

Uiteindelijk hebben we net zoals in Benin ongeveer bijna een jaar nodig gehad om ons hier thuis te voelen. En nog schud ik dagelijks mijn hoofd bij sommige uitspraken of gebeurtenissen : ik begrijp er vaak niets van. Elke mens bouwt zijn leven op waarden en waarheden die instinctief aanvoelen als universeel en essentieel. Het is bijzonder moeilijk om die basale bouwstenen in vraag te stellen of te relativeren. In Ibenga ben ik net genoodzaakt dit elke dag te doen. Ik zie op de consultatie een vrouw die 2 weken geleden haar kind is verloren bij de bevalling. Wanneer ik haar vraag hoe ze zich voelt kijken zowel de vertalende verpleger als de vrouw zelf me niet-begrijpend aan. Nee, geen lichamelijke klachten dus alles is in orde. Als er al sprake is van verdriet kan ze dat wel heel goed verbergen. Moet ik dan concluderen dat zelfs rouw om het verlies van een kind cultureel bepaald is ? Dat mijn grootste nachtmerrie een fait-divers is in het leven van een vrouw aan de andere kant van de wereld ? Ik weet wel dat er talloze redenen en argumenten zijn om te verklaren waarom die vrouw op een dergelijke manier reageert. Maar dat betekent dat mijn gedrag ook te beredeneren valt en dus geenszins universeel is.

De grootste morele uitdaging voor een migrant : trachten te aanvaarden wat niet te begrijpen is. Ik mag gelukkig rekenen op het geduld en de flexibiliteit van Afrikanen. Ik wens mijn mede-migranten elders ter wereld hetzelfde toe.

Advertenties