Maandelijks archief: april 2014

Grote dorst

Alle goede voornemens ten spijt lukt het me niet om tweewekelijks een bericht achter te laten op de blog. Zelfs maandelijkse verhalen haal ik niet. Ongemerkt zijn we hier immers ook in een dagelijkse routine geraakt waar alles vertrouwd is. De nieuwswaarde van de gebeurtenissen hier lijkt voor ons vaak minimaal ; verbazingwekkend hoe snel je went aan nieuwe levensomstandigheden. Gelukkig maar.

En toch, een heel aantal zaken went nooit. Ook gelukkig maar. Het is en blijft moeilijk voor ons om de gedachten en beweegredenen van mensen hier volledig te begrijpen. Het gaat dan niet om de verschillen in omgang met elkaar : ik weet ondertussen wel dat ik uitgebreid moet groeten en dat ik iemand heel erg kan beledigen door iets met mijn linkerhand te geven. Dat zijn zaken die evident zijn en waar ik me gemakkelijk aan aanpas. Moeilijker wordt het wanneer het gaat om zoiets essentieel en universeel als de waarde van een mensenleven. Alleszins, we vermoeden dat het universeel is maar dan blijkt dat ‘leven’ hier anders wordt gedefinieerd dan bij ons. Dit wordt pijnlijk duidelijk tijdens een weekendwacht. Om te beginnen werkt het lab maar van 8 tot 10 uur op zaterdagmorgen. Dat wil dus zeggen dat de patiënten vanaf zaterdagmiddag tot maandagmorgen de klos zijn want de laborant komt alleen naar het ziekenhuis wanneer er écht iets héél dringends moet gebeuren. Meestal is de enige urgentie voor ons labpersoneel een eigen ziek familielid. Zondagmorgen 3 uur : ik word uit bed gebeld voor een ziek kind. Ik vind op de pediatrie een bewusteloos, lijkbleke baby van 8 maanden met cerebrale malaria, een dringende bloedtransfusie is absoluut nodig. Dan begint de miserie : de eerste laborant die ik opbel is dermate beneveld dat hij amper verstaanbaar is door de telefoon. Hij wil wel graag komen maar zit nog in de stad en moet eerst met de auto naar Ibenga komen. Geen goed idee. Ik stuur de nachtwaker naar de volgende laborant die naast het ziekenhuis woont. Deze bedankt feestelijk en zegt dat hij niet van wacht is en slaapt prinsheerlijk verder. De derde is op vakantie en de vierde woont ver van het ziekenhuis vandaan en heeft alleen een fiets. Bij nachtelijke keizersnedes is het nog erger : vaak is de helft van de dienstdoende OK-ploeg zo bezopen dat ze door enkel uit te ademen de patiënt in slaap kunnen krijgen. Het lijkt alsof het professioneel plichtsbesef hier iets anders wordt geformuleerd dan bij ons. Dat er door al dat gezuip mensen sterven, daar ligt niemand van wakker. En dat is een onoverbrugbaar wezenlijk verschil in levensbeschouwing – om het vriendelijk te formuleren.

Ondertussen hebben de kinderen een onbekommerd en vrolijk leven. Ze kunnen nu al van ver een dronken persoon herkennen want die komen we dagelijks tegen, vaak al op weg naar school om 7 uur ’s morgens. Ze zweren dure eden dat ze nooit ofter nooit bier gaan drinken dus dat toekomstig puberprobleem is ook al van de baan. Kasper is lid van een voetbalteam met een echte trainer en die gaat elke namiddag shotten. Hij is apetrots want hij heeft als enige scheenlappen én schoenen met toppen – en een tenue van het ter ziele gegane Beerschot waarvoor dank aan Nonkel Walter. Hannah heeft vorige week een daguitstap gemaakt naar het dorp van 1 van haar klasgenoten. Sommige kinderen hier kennen alleen hun eigen dorp en de school – zelfs Ibenga is voor hen een verre en onbereikbare plek. Dus nu maken ze samen met de juf een ronde langs alle dorpen in de bush. Binnenkort komen ze hier in de tuin hot dogs eten en kijken hoe de muzungu’s (blanken) leven. En Thomas lijkt zijn draai te hebben gevonden. Kijkt wat TV, speelt met zijn autootjes, wast zijn kleren samen met Petronella en houdt zich op zijn eigen hardhandige manier bezig met de 3 katten. Soms kan het leven zo eenvoudig zijn.

Advertenties